Nederlands–Fries woordenboek

Friese vertaling van het Nederlandse woord steken

Nederlands → Westerlauwers Fries
  
NederlandsWesterlauwers Fries (indirect vertaald)Esperanto
(plaatsen; stoppen; zetten; doen);
stelle
; ;
🔗 Ja, steek hem er diep in!
(pikken; priemen; prikken; porren)
stekke
🔗 Ik moest zorgen dat ik mijn zwaard tussen zijn ribben stak.
(aansteken; doen ontbranden; ontsteken; stoken; in de hens zetten)
oansette
;
opstekke
🔗 Steek de opslagloodsen in brand en sla het waterrad kapot, maar laat de zaagmolen heel.
(aanmaken; doen ontbranden; ontsteken; in brand steken; opsteken)
oansette
;
opstekke
🔗 James Bond had zijn sigaret al aangestoken.
(besmetten; infecteren; verpesten)
ynfektearje
;
oanstekke
(besmetten; infecteren)
oanstekke
ferljochtsje
🔗 Ryn nam een brandend stuk hout uit het vuur en stak de lampen weer aan.
(afsnijden)
ôfsnije
;
ôfstekke
(contrasteren)
ôfstekke
🔗 Voor zich uit zag hij de Toren van de Olifant tegen de hemel afsteken.
(afvuren; afschieten)
ôffjurje
🔗 Op oudjaarsdag mocht dit jaar voor het eerst pas vanaf 18:00 uur vuurwerk worden afgestoken, tot 02:00 uur nieuwjaarsnacht.
(aansteken; doen ontbranden; stoken; in brand steken)
oansette
;
opstekke
🔗 Nu werden er meer toortsen ontstoken.
ôftaapje
spili
(aanmaken; aansteken; stoken)
oansette
;
opstekke
🔗 Hij kon hem niet opsteken.
(ophouden; rekken; strekken; uitbreiden; uitstrekken)
útwreidzje
🔗 Een pijnlijke situatie ontstaat, want wat moet je met de reeds half uitgestoken hand doen?